Latest Posts

Door de sneeuw rijden we tot het hek van de Mongoolse grenspost. Ik stap uit en blauwbekkend wacht ik mijn beurt af bij een klein hokje. Mongolen proberen altijd voor te kruipen dus duw ik de man achter mij opzij

Vanmiddag lagen we nog in een beekje met smeltwater. Op een paar wolken na was het zonnig. Het water was koud maar met 24 graden Celsius waren we zo weer opgewarmd. Nog geen paar uur later, vlak voor de grens

In de verte zien we een paar tenten staan met een hoop geparkeerde auto’s. Er is duidelijk iets te doen dus koersen we richting de menigte. We parkeren de auto en lopen het publiek in. Rondom een grasveld staan tribunes

Nadat we de hoofdstad Ulaanbaatar achter ons lieten ging de reis verder naar het westen. Eerst over asfalt en daarna over gravel. Via de zuidelijke snelweg willen we Ulaanbaishint zien te bereiken om daar de grens over te gaan naar

Hoe leeg en afgelegen Mongolië ook is, alleen ben je nooit. De bevolking is hier gastvrij, vriendelijk en zeer nieuwsgierig. Als geitenhoeder heb je niet heel veel te doen. Wanneer je dus vreemde gasten in de verte ziet rij je

We zijn inmiddels gewend om het rijk voor ons alleen te hebben. We staan regelmatig op plekken ver van de bewoonde wereld. Maar veel meer afgelegen dan dit wordt het niet . Het dichtstbijzijnde aangelegde grindpad ligt honderd kilometer verderop

Mongolen wonen traditioneel al duizenden jaren in ronde tenten genaamd ‘ger’ of ‘yurt’. Voorheen werd de tent voornamelijk door de rondtrekkende vee nomaden gebruikt. Tegenwoordig staan er ook vele tenten in de steden en woont zelfs meer dan de helft